#GodsGrond

Volgens mij zien we te weinig in dat de bijbel een ‘outdoor’-boek is… Je kan de bijbel het beste ‘outdoor’ lezen en begrijpen. Hoe verder naar buiten hoe beter. Dat is in elk geval mijn ervaring. Bijbelgedeelten die tussen muren onwaarschijnlijk en ongelofelijk lijken, zijn buiten niet meer dan normaal. Omdat we buiten overal geconfronteerd worden met wonderen; we ontdekken dan dat het wonderlijke niet zozeer bijzonder is, maar heel normaal. Het is ons dagelijks brood.

Wie kijkt naar de bloemen in het veld of de vogels in de lucht en bedenkt hoe onvoorstelbaar hun bestaan is in deze warme wereld middenin een koud, leeg en onmetelijk zonnestelsel – die is niet verbaast over het wonder dat water in wijn verandert. We vergeten het grotere wonder wat maar steeds doorgaat: hoe water (met grond en zon) verandert in druiven.

(Wendell Berry, in: “Creation Care. A Biblical Theology of the Natural World”, Douglas en Jonathan Moo, pg 122 – mijn vertaling)

Hoe lees jij bijbel?

Ik zal het niet gauw vergeten. Ik was een cursusavond aan het voorbereiden voor een kerk. De leiding benadrukte nog eens dat elke les een persoonlijk leerpunt moest hebben voor iedere deelnemer. “Toepassing is de sleutel”, zei hij, “de enige manier om mensen de bijbel te onderwijzen en hun aandacht vast te houden is een persoonlijke toepassing.”

Dat is een interessante opmerking, die voor een deel waar is. Want we lezen de bijbel met de verwachting dat we meer doen dan alleen oude geschiedenis leren. We hopen er meer uit te halen dan alleen informatie. We hopen dat het ons iets te zeggen heeft, relevant is voor onze levens, misschien iets met ons dóet. Dat is goed en terecht. Wat is dan het probleem?

Het probleem is dat we zo een serie verwachtingen hebben bij ons verlangen naar een bijbel die altijd relevant is voor mij, hier en nu. Drie belangrijke verwachtingen zijn:

1. Spreek tot mij: We gaan ervan uit dat de bijbel direct tot ons spreekt. Als we even stil staan en er over nadenken, zouden we herinneren dat – o ja! – het brieven zijn aan mensen in Korinte in de eerste eeuw, of liederen van het oude Israel. Maar dat vergeet je zomaar en je begint zomaar de woorden van de bladzijden af te lezen en rechtstreeks in je hart.

2. Spreek praktisch tot mij: Het probleem van die eerste verwachting wordt alleen maar versterkt als we de bijbel verbrokkelen tot hapklare brokjes, die zomaar uit hun context worden geplukt. Bijbel’verzen’ lezen versterkt het idee dat ik het stukje eruit kan halen dat alleen voor mij is. Omdat sommige van die bijbelstukjes duidelijk niet van toepassing zijn op mij, kan ik gerust blijven bij de aansprekende stukjes en de rest negeren.

3. Spreek tot mij alleen: we vergeten zomaar dat de bijbel voor het overgrote deel geschreven is aan gemeenschappen, niet aan individuen. Wanneer we daar dus woorden uitplukken en alleen maar onze indivuele situaties overdenken, komen we er niet aan toe te overwegen hoe een groep mensen de bijbel met elkaar in praktijk zou brengen.


Als ons Bijbellezen door deze verkeerde verwachtingen ontspoort, wat kunnen we er dan aan doen om in het goede spoor te blijven?

1. Luister mee: de bijbel is een verzameling geschriften uit een oude wereld, waar we eigenlijk in mee-luisteren. De eerste stap in goed lezen is te kijken wat de verschillende boeken allereerst betekenden in hun eigen wereld. De woorden klinken in een context – historisch, cultureel en religieus. God sprak eerst tot andere mensen voordat hij tot ons sprak, en om te weten wat God vandaag zegt, moeten we eerst weten wat God toen te zeggen had.

2. Lees breed: de bijbel is een verzameling geschriften die bedoeld is om in z’n geheel te lezen. De boeken hebben ieder een eigen karakter als oude literatuur die op hun eigen manier werkt. Het zijn verhalen, liederen, brieven, en nog veel meer, en moeten zo ook gelezen worden. Dan komen ze samen om het doorgaande verhaal te vertellen van Gods reddend werk in de geschiedenis. Lees dus hele boeken in plaats van altijd maar heen en weer te springen tussen kleine brokjes. Neem dan de boeken bij elkaar en lees ze als groot-verhaal. (dat is makkelijker als je een bijbeltekst neemt zonder al die cijfertjes en kopjes ertussen). We vinden onze identiteit meer als deel van het verhaal dan in individuele beloften en waarheden.

3. Denk aan ‘ons’: de bijbel is een verzameling geschriften gericht aan gemeenschappen, om hen te vertellen waar God mee bezig is en hoe die gemeenschappen kunnen meedoen in Gods project om de schepping te redden. God schept gemeenschappen voor restauratie, bedoeld om zichtbaar te maken waar het verhaal van deze wereld naar toe gaat. Onze individuele levens spelen een belangrijke rol in dit grotere verhaal, maar de transformatie gebeurt doordat hele gemeenschappen van Gods volk reddend samenwerken. Lees de bijbel met anderen.

Dit is dus mijn punt: de bijbel was nooit bedoeld om jou een persoonlijke toepassing te geven vanuit ieder vers. Soms kan het goed zijn om alleen maar te lezen, te leren en te begrijpen wat God aan het doen is in de geschiedenis van zijn volk. We kunnen ontspannen, breed lezen en meeluisteren. Zonder noodzaak om een of andere toepassing eruit te persen, waar die er niet is.

We moeten de bijbel de tijd geven en de druk weg nemen om continue het te moeten toepassen.

Maar maak je geen zorgen. Als we regelmatig en goed met de bijbel omgaan, heeft het meer dan genoeg te zeggen over onze levens nu. We groeien dan in verdiepende kennis van God en zijn eindeloze werk om de wereld te veranderen. Deze vorming in ons heeft de tijd nodig, maar is dieper en meer transformerend dan de snelle toepassing waartoe we zo vaak aangezet worden. Die vorming gaat werken als we de boeken van de bijbel van binnenuit kennen en dat reddingsverhaal beginnen uit te leven in onze eigen situatie.

Dus, ja! – de Schriften zijn bruikbaar voor ons vandaag. Maar ze zijn bedoeld om op een bepaalde manier te gebruiken. We hebben geen handboek gekregen met praktische tips voor iedere situatie. We hebben een bibliotheek van boeken uit de oudheid gekregen die ons vertelt over het eerste deel van Gods groot-verhaal. Langzamerhand opent de bijbel hoe God reddend en helend bezig is, en dan nodigt het ons uit om onze rol daarin in te nemen.

Wij doen mee in het drama van verlossing. En het meest geschikte instrument dat we hebben om ons leren hoe te leven is de bijbel – het script van het verhaal dat ver voor ons begonnen is.

Lees het. Leer het. Leef het. Dat is de vorm van toepassing waar de bijbel voor bedoeld was.

(mijn vertaling van dit artikel)

Zoek je nog een vakantieboek…?

… Dan is dit misschien wat voor je: God is een vluchteling, van David Dessin. De ondertitel zegt het al: “de terugkeer van het christendom in de Lage Landen.”

De media kan de indruk geven dat er veel moslims onder de migranten in Europa zitten, maar onderbelicht blijft dat er onder de migranten ook veel christenen zijn. Waardoor christelijke gemeenschappen zich vestigen in Europa.

De schrijver beschrijft zijn ontmoeting met christenen uit het Midden-Oosten, Azië en Afrika. Het zijn allemaal ontmoetingen met migranten-christenen die in Antwerpen wonen. Door die ontmoetingen heen weeft de schrijver de geschiedenis van de oude kerken waar ze vandaan komen.

Wat doet dit allemaal met een post-christelijk Europa?

“De instroom van christelijke vluchtelingen en migranten zal ons de volgende jaren alleen maar meer confronteren met die aardverschuiving in het christendom. Het Europese christendom kan dan op zijn retour zijn, het christendom in Europa is springlevend. Het is alleen niet Europees meer.” (pg. 193)

“Misschien wordt het tijd om te erkennen dat het christendom in feite – op enkele eeuwen na – nooit exclusief Europees is geweest. Stel dat de volgende duizend jaar van het christendom zich in Afrika of Azië zullen afspelen, en het christendom in Europa terugvalt op een kleine minderheid, vergelijkbaar met de christenen in Azië… ‘Ik ben bij u, tot het einde van de wereld’, beloofde Christus op een heuvel in het westen van Azië. Het is niet onmogelijk dat het christendom zal blijven bestaan tot het einde van de wereld, maar nergens staat geschreven dat dit in Europa zal zijn.” (pg. 203)

Alles bij elkaar…

De laatste serie artikelen heb ik in één document gezet en op m’n site gezet. Je vindt het terug op biblicaltheology.nl > Gods Gezicht > Uitdaging.

Dit schema geeft een overzicht van waar ik mee bezig ben, wat ik nu afgerond heb en wat ik na de vakantie verder hoop uit te werken.

 

 

Gods Gezicht (slot)

Hier zie je een stukje van een puzzel. Kijk er eens goed naar. Wat voor idee krijg je van de puzzel, als je dit stukje bekijkt? Het ziet er somber uit. Dat zou wel ’s een trieste puzzelplaat kunnen zijn. Als je op basis van dit stukje iets zou moeten zeggen over de maker van de puzzel, zou ik denken dat de maker misschien wel een depressieve grondstemming heeft. Omdat hij bezig is met zulke sombere puzzels te maken. Mee eens?

Bekijk nu dan eens de hele puzzel via deze link. Dit ene puzzelstukje vind je aan de linkerkant. De hele puzzel heeft helemaal geen sombere uitstraling?! Vol grap en grol. De maker moet wel humor hebben! En dat is inderdaad bekend van Jan van Haasteren, de maker van zulke puzzels. Je hebt de hele puzzelplaat nodig om een betere indruk te krijgen van de maker.

Hier moet ik aan denken bij de opmerking van Maarten van Rossum, waar ik deze serie mee begon. Hij heeft een bepaalde indruk van de God die in de bijbel naar voren komt. Een beeld vanuit de bijbel wat herkenning oproept. Tegelijk getuigt zo’n reactie ervan, dat er maar naar een klein (puzzel)stukje gekeken wordt en dat daaruit vergaande conclusies worden getrokken. Terwijl je door de grote plaat van de bijbel toch een wat ander beeld krijgt bij de God, die door de bijbel heen naar voren komt. Die uitdaging heb ik proberen uit te tekenen in de afgelopen blogs. Of je nou christen bent of niet, volgens mij kunnen we een bepaalde samenhang in de bijbel aanwijzen, waaruit God op een bepaalde manier naar voren komt. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht. De bijbel als groot-verhaal lezen…

Ik hoop dat ik in de manier waarop ik met deze uitdaging bezig ben gegaan, iets van de stijl van Jezus heb kunnen laten zien. Ik hoop dat ik respectvol en zorgvuldig ben omgegaan met de heer Van Rossum en zijn opmerking. Niet afkeurend, maar eerlijk op me af laten komen, om vervolgens gelijkwaardig in gesprek te gaan over de bijbel. Want dat lijkt me een belangrijke waarde: niet gaan voor eigen gelijk, maar opnieuw durven kijken naar je eigen overtuiging, samen met de ander die een hele andere mening heeft.

Ik besef heel goed, dat we daarmee niet in één keer bij dezelfde overtuiging uitkomen, dat God leeft, regeert en het goede leven van Hem komt. Maar hopelijk draagt zo’n poging er aan bij, dat ook de ander bereidt is zijn opvatting bij te stellen over dat boek. En bij die ander denk ik ook aan vele christenen.

“Moge de HEER u zegenen en u beschermen,

Moge de HEER het licht van zijn gelaat over u doen schijnen en u genadig zijn,

Moge de HEER u zijn gelaat toewenden en u vrede geven.”

(Numeri 6:24-26)

 

Gods Gezicht (6)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

We komen aan bij het eind van de bijbel, de laatste twee hoofdstukken (Openbaring 21-22). Johannes vertelt dat hij ‘een nieuwe hemel en een nieuwe aarde zag’ (21:1). Dat roept gelijk de herinnering op aan de opening van de bijbel: “In het begin schiep God de hemel en de aarde”. Nu hoort Johannes God zeggen: “Alles maak ik nieuw!”

Je moet hier ook terug denken aan de hof van Eden uit de opening van de bijbel, als Johannes beschrijft hoe hij een rivier ziet met water dat leven geeft, waar het vol staat van levensbomen (22:1-2). Het is hier alleen veel grootser dan bij de opening van de bijbel, het is gegroeid. Het hele verhaal van de bijbel klinkt erin mee:

  • nu niet maar twee mensen in de hof, maar ‘de volken zullen in haar licht leven’ (21:24).
  • nu niet meer alleen een hof, maar een stad (22:2)
  • nu niet meer een tempel als uitdrukking van Gods aanwezigheid, maar oog in oog met God (22:4)

Alles is weer heel: de band met God (geestelijk), alle volken harmonieus (sociaal) en een schepping vol levenskracht (fysiek). Het klinkt als ‘mission accomplished’. God komt uit bij waar Hij aan begonnen was bij de schepping, God maakt af wat Hij beloofd had.

Van Genesis 1-2 tot Openbaring 21-22 – de opening en het slot – vertelt de bijbel hoe de Schepper laat zien hoe we met Hem zelf verzoend kunnen worden, hoe menselijke gemeenschappen kunnen opbloeien en hoe de hele schepping zal worden vernieuwd. Dat is het verhaal van de bijbel. (John Dickson, pg. 215)

Volgende keer het slot…

Gods Gezicht (5)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

Toen Jezus stierf aan het kruis, had hij misschien een paar honderd volgelingen… Een aantal van deze mannen en vrouwen (de meeste waarschijnlijk laag opgeleid, afkomstig uit een onbelangrijk gebied in het Romeinse Rijk) ging verder in het Romeinse Rijk met de bewering dat die gekruisigde de ware Koning is. Het is verbazingwekkend hoe dit zich verspreidde zonder geweld of macht. (John Dickson, pg. 174)

Het boek Handelingen pakt de draad op aan het eind van Jezus’ leven op aarde. Jezus geeft zijn leerlingen de opdracht om van Hem te getuigen “in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde” (Handelingen 1:8). Daarmee is de toon gezet voor de rest van dit boek in de bijbel.

Dit boek Handelingen beschrijft hoe de leerlingen van Jezus langzamerhand steeds verder de wereld in trekken als ooggetuigen van Jezus. Hun boodschap is dat Jezus regeert voorbij de dood, dat Hij op weg is naar een dag dat de hele wereld ‘recht’ gezet wordt, met de oproep om vandaag al je leven in te richten in die hoop.

Uitdagend vertelt dit boek hoe het begon in Jeruzalem (centrum van Israël) en zo’n dertig jaar later in het centrum van de wereldmacht verschijnt: in het Rome van de keizer.

Overal waar de leerlingen van Jezus komen, ontstaan gemeenschappen van mensen die erkennen dat Jezus regeert en die samen hun leven daarnaar willen inrichten. De rest van het Nieuwe Testament bevat brieven die geschreven zijn aan deze kerken. Ze leggen uit hoe die gemeenschappen kunnen leven in dienst van Jezus, door te leven met de liefde van Jezus en bereid te zijn om zich te verantwoorden, wanneer iemand vraagt waarop de hoop gebaseerd is die in hen leeft.

Het boek Handelingen eindigt heel open. Met de suggestie dat de opdracht van Jezus door blijft gaan. Dat jij dit nu leest, zo’n 2000 jaar later op een andere plek in de wereld, geeft wel aan dat er toen iets bijzonders op gang is gekomen, wat nog steeds door gaat. Het verhaal van Jezus en de apostelen is bezig en grijpt over ons heen naar een dag dat Jezus zelf weer verschijnt.

Abraham kreeg te horen dat hij een groot volk zou worden, waardoor alle volken gezegend zouden worden. Nadat Jezus naar de hemel gaat, wordt een kleine club Israëlieten, nageslacht van Abraham, erop uit gestuurd naar het einde van de wereld met het nieuws over deze zegen. En het onvoorstelbare is gebeurd. Als Abraham zou kunnen zien wat er met hem begonnen was… (John Dickson, pg. 181)