Gods Gezicht (5)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

Toen Jezus stierf aan het kruis, had hij misschien een paar honderd volgelingen… Een aantal van deze mannen en vrouwen (de meeste waarschijnlijk laag opgeleid, afkomstig uit een onbelangrijk gebied in het Romeinse Rijk) ging verder in het Romeinse Rijk met de bewering dat die gekruisigde de ware Koning is. Het is verbazingwekkend hoe dit zich verspreidde zonder geweld of macht. (John Dickson, pg. 174)

Het boek Handelingen pakt de draad op aan het eind van Jezus’ leven op aarde. Jezus geeft zijn leerlingen de opdracht om van Hem te getuigen “in Jeruzalem, in heel Judea en Samaria, tot aan de uiteinden van de aarde” (Handelingen 1:8). Daarmee is de toon gezet voor de rest van dit boek in de bijbel.

Dit boek Handelingen beschrijft hoe de leerlingen van Jezus langzamerhand steeds verder de wereld in trekken als ooggetuigen van Jezus. Hun boodschap is dat Jezus regeert voorbij de dood, dat Hij op weg is naar een dag dat de hele wereld ‘recht’ gezet wordt, met de oproep om vandaag al je leven in te richten in die hoop.

Uitdagend vertelt dit boek hoe het begon in Jeruzalem (centrum van Israël) en zo’n dertig jaar later in het centrum van de wereldmacht verschijnt: in het Rome van de keizer.

Overal waar de leerlingen van Jezus komen, ontstaan gemeenschappen van mensen die erkennen dat Jezus regeert en die samen hun leven daarnaar willen inrichten. De rest van het Nieuwe Testament bevat brieven die geschreven zijn aan deze kerken. Ze leggen uit hoe die gemeenschappen kunnen leven in dienst van Jezus, door te leven met de liefde van Jezus en bereid te zijn om zich te verantwoorden, wanneer iemand vraagt waarop de hoop gebaseerd is die in hen leeft.

Het boek Handelingen eindigt heel open. Met de suggestie dat de opdracht van Jezus door blijft gaan. Dat jij dit nu leest, zo’n 2000 jaar later op een andere plek in de wereld, geeft wel aan dat er toen iets bijzonders op gang is gekomen, wat nog steeds door gaat. Het verhaal van Jezus en de apostelen is bezig en grijpt over ons heen naar een dag dat Jezus zelf weer verschijnt.

Abraham kreeg te horen dat hij een groot volk zou worden, waardoor alle volken gezegend zouden worden. Nadat Jezus naar de hemel gaat, wordt een kleine club Israëlieten, nageslacht van Abraham, erop uit gestuurd naar het einde van de wereld met het nieuws over deze zegen. En het onvoorstelbare is gebeurd. Als Abraham zou kunnen zien wat er met hem begonnen was… (John Dickson, pg. 181)

Gods Gezicht (4)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

Het tweede deel van de bijbel heeft een opvallende opening: vier boeken over één persoon?! Middenin in die dikke bijbelbundel die over eeuwen gaat, wordt hiermee nadrukkelijk ingezoomd op één persoon: Jezus. Hier gaan de spotlights aan, en komt het verhaal in ‘slow motion’.

(1) Link met het Oude Testament

Alle vier deze boeken (Matteüs, Markus, Lukas en Johannes) beginnen ermee hun boek te verbinden aan het eerste deel van de bijbel, het Oude Testament. Daarmee willen ze duidelijk maken dat ze niet maar vertellen over een bijzondere man. Ze tekenen het leven van Jezus als de Messias, die door het hele Oude Testament werd aangekondigd. In Jezus is de Messias gekomen die de geestelijke, sociale en fysieke verstoring van deze wereld herstelt.

(2) Jezus, de zoon van God

De eerste zin, waar Markus zijn boek mee begint, moet schokkend hebben geklonken in het Romeinse wereldrijk van die tijd: “Het begin van het evangelie van Jezus Christus, Zoon van God”. Dat ondermijnt het gezag van de keizer! De doop van Jezus is een kroningsceremonie, waarmee Markus probeert te beschrijven hoe Jezus lijkt op de vroegere koning David, en tegelijk hem verre overstijgt, zoals was aangekondigd. Dat blijkt wel uit zijn macht om mensen te bevrijden van kwade machten en te genezen. Deze zoon van David is niemand minder dan de zoon van God!

“Wie mij gezien heeft, heeft de Vader gezien.” – Jezus (Johannes 14:9)

Alles wat het Oude Testament uittekende over herstel van de relatie met God, herstel van menselijke relaties en herstel van de schepping lijkt gebundeld in Jezus. In zijn wonderen zag je een ‘miniatuur’ van de nieuwe schepping: het kwaad overwonnen, zieke lichamen genezen, doden weer opgewekt. Ook dit vind je gebundeld terug in Jezus’ eigen lijden en sterven: hij nam de vloek op zich, liet het kwaad zijn ultieme wapen van de dood over zich heen komen. Daarna brak hij door de dood heen en stond weer in levende lijve voor zijn leerlingen, die dat niet hadden zien aankomen!

Een Galileeër regeert de wereld. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Een profetie uit 700 voor Christus kondigt aan dat de Koning van deze wereld uit het buitengebied Galilea zou komen. Jezus kwam uit Galilea – zijn leven, sterven en opstanding overtuigden zijn leerlingen dat Hij regeert. Tweeduizend jaar later is hij de meest vereerde en invloedrijke naam in de geschiedenis. (John Dickson, pg. 161)

Zie ook: Een Galileër die de wereld regeert

Gods Gezicht (3)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

Ik probeer hier in één gebaar een schets te geven van Genesis 12 t/m het einde van het Oude Testament. Vanaf Genesis 12 wordt stap voor stap uitgewerkt hoe God werkt aan het herstel van de drie relaties.

(1) Abraham

De aankondiging die God in Genesis 12:1-3 doet, zet de toon voor de rest van de bijbel.

  • Geestelijk: Wat God begint met Abraham hangt niet af van Abrahams gedrag, maar wordt bepaald door de trouw van de Almachtige God. Dit blijft typerend voor de relatie met God: op basis van zijn genade en niet op basis van prestaties van mensen.
  • Sociaal: Met de belofte van een volk gaat God ook bezig met de onderlinge relaties. Deze ‘nieuwe gemeenschap’ wordt geroepen om tot een zegen te zijn.
  • Fysiek: God heeft een beloofd land voor ogen, waar het volk zal leven onder Gods eigen zeggenschap.

Deze grote aankondiging heeft het herstel van Gods schepping voor ogen.

(2) Mozes

Na Gods mega-aankondiging aan Abraham zie je het uitrollen hoe dit zichtbaar wordt. God roept Mozes ten tijde dat het nageslacht van Abraham uitgegroeid is tot een heel volk! Op weg naar het beloofde land zie je God de drie relaties nog eens scherp stellen in de grondwet bij de berg Sinaï.

  • Geestelijk: nadat God benadrukt dat hij de Bevrijder is, tekent Hij uit hoe het volk liefde voor Hem vorm geeft.
  • Sociaal: Vervolgens schetst die grondwet hoe ze zorgvuldig met elkaar moeten omgaan.
  • Fysiek: Het vooruitzicht van het beloofde land is paradijselijk, waarbij ook levensruimte voor land en dieren ertoe doet!

(3) Jozua

De relatie met God ging in de tijd van Mozes al niet vanzelf, maar komt nog meer onder spanning te staan als je Jozua gaat volgen, de opvolger van Mozes. Onder leiding van Jozua neemt het volk Israël het beloofde land in bezit. Dit is een gedeelte in het Oude Testament dat bij ons veel weerzin kan oproepen en wel eens associaties kan geven met berichten over ‘volkerenmoord’ vandaag. Die ongemakkelijke kant is er en ga ik hier niet weg-masseren. Ondertussen is het de oefening om ook het grotere verband voor ogen te houden. God is bezig de wereld die in alle relaties vastliep (Genesis 1-11) te herstellen. Het maakt goed duidelijk dat verzet tegen Gods plannen hem niet koud laat. Gods oordeel is echt, uiting van gekrenkte liefde.

(4) David

Het leven in het beloofde land laat goed zien hoe die drie relaties op elkaar inwerken. Eigenlijk maakt het een groot raadsel zichtbaar.

Met de roeping van David geeft God meer focus aan zijn mega-aankondiging aan Abraham: David wordt ‘messias’ genoemd en uit zijn familielijn zal een eeuwige koning voortkomen (2 Samuël 7). Ondertussen zet David die relatie met God onder enorme druk (denk aan de soap rond Bathseba). En zijn nageslacht maakt er een vreselijke puinhoop van, naar God, naar elkaar en naar het land. Het komt zover dat God ze wegstuurt uit het beloofde land.

En dan toch weer het raadsel: ondanks terechte oordeel van God kondigen zijn profeten aan dat uit die puinhopen de eeuwige Messias tevoorschijn zal komen. God gaat door en zijn mega-aankondiging aan Abraham blijft staan!

Spannend hoe zich dat gaat ontwikkelen in het Nieuwe Testament…

Verder met de draad…

Het is een tijd stil geweest op m’n blog. Ik probeer de draad weer op te pakken. Het was inderdaad een draad waar ik aan het spinnen was. Daarom als opstapje deze keer een overzicht.

Ik was bezig met een serie onder de titel Gods Gezicht. Misschien goed om weer bij de eerste te beginnen, die vind je hier.

De serie Gods Gezicht is weer een onderdeel van een langer lopende serie. Die begon vanuit 3 grote uitdagingen die ik zie voor de kerk in onze tijd. Die drie uitdagingen vind je hier.

Maar die drie uitdagingen waren een vervolg op een eerdere bezinning. Wil je helemaal bij het begin beginnen, start dan bij Gods idee. Na een serie over Gods idee, probeerde ik daaraan te spiegelen door de vraag te stellen ‘wat wij ervan maken’. Dat begon hier. Daaruit kwam de conclusie van de drie uitdagingen die ik zie.

Ik heb alles bij elkaar gebracht op mijn site biblicaltheology.nl. Omdat ik nog niet klaar ben met het schrijven over de drie uitdagingen, is nog niet alles ingevuld op die site.

Ik hoop dat je de draad weer te pakken hebt! Binnenkort verschijnt hier Gods Gezicht (3)…

Gods Gezicht (2)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht. Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht.

Je hebt vast heel veel vragen bij de bijbel. Zoveel vragen kunnen het ook lastig maken om onbevooroordeeld proberen te luisteren naar hoe de bijbel zichzelf presenteert. Als je dat probeert, ontdek je volgens mij een ‘geraamte’ door de bijbel heen. Het begin daarvan probeer ik hier uit te tekenen. Als poging om open en eerlijk te luisteren naar de bijbel.

A.

Volgens mij begint de bijbel met een opvallende intro. Het eerste hoofdstuk (Genesis 1) schetst een goede God, die een goede wereld in het leven roept, waarin hij goede mensen plaatst om goed werk te doen. Alles is goed!

Dit scheppingsverhaal lijkt sterk op het Babylonische scheppingsverhaal Enuma Elish. Tegelijk zijn er ook duidelijke verschillen die het bijbelverhaal uniek maken:

  • De Schepper is met niemand te vergelijken
  • De schepping is doordacht en gewild
  • Mensen worden gezien als beheerders van het scheppingswerk

B.

Vanaf Genesis 3 wordt een hele donkere kant erin gelegd. Adam en Eva nemen van de vrucht en verheffen zich daarmee tegen hun Schepper. Het heeft een verwoestend effect.

  1. Geestelijk: Hun relatie met God gaat stuk. Het ‘wandelen met God’ is er niet meer bij.
  2. Sociaal: hun relatie met elkaar komt onder druk te staan en vult zich met schaamte en schuld.
  3. Fysiek: hun relatie met de grond waar ze op leven wordt moeizaam en verstoord.

C.

Als je vanaf Genesis 4 verder leest maak je een escalatie mee van kwaad en lijden. Met als climax de torenbouw van Babel (Genesis 11). De mensheid besluit een machtige toren te bouwen als onafhankelijkheidsverklaring, los van God.

D.

Dit is het openingsverhaal van de bijbel, de ‘pre-historie’. Waarin het geraamte wordt neergezet van de drie relaties: geestelijk, fysiek en sociaal. Vanaf Genesis 12 wordt stap voor stap uit gewerkt hoe God werkt aan herstel van deze drie relaties.

Eerste indruk van God?

Wat proef je hier doorheen van God?

  • Een God die niet samenvalt met deze wereld, maar erboven staat. Hij begon iets goeds.
  • Hij staat in een heel spannende relatie tot deze wereld en vooral tot de mensen, die het beter denken te weten.
  • De ontwikkelingen in Genesis 1-11 tekenen een lijn, die wel veel overeenkomsten heeft met hoe de wereld nu werkt: verstoorde relaties, zowel geestelijk, sociaal als fysiek. Als dit Gods verhaal aan ons is, kun je van God ook zeggen dat Hij verdraaid goed doorheeft hoe wij en onze wereld diep van binnen in elkaar steken.

De bijbel lezen lijkt er soms op alsof je iemand ontmoet die je niet kent, maar die op een of andere manier jou goed kent. Soms kan de vraag je overvallen: ‘hoe weet dit boek dat van mij? Hoe weet het zoveel over onze wereld – terwijl het zo lang geleden geschreven is?’ Het lijkt dan net of de bijbel jou leest. (John Dickson, 10-11)

 

Gods Gezicht (1)

Ik zie drie grote uitdagingen voor de kerk vandaag. Die uitdagingen probeer ik wat verder uit te tekenen vanuit de vraag: Wat is nodig om van de beginsituatie (“Wat wij ervan maken”) te groeien richting het doel (“Gods idee”)Ik wil in een aantal blogs bezig gaan met de eerste uitdaging: Gods Gezicht.

Het OT is het meest krankzinnige boek wat ik ooit heb gelezen. Het staat zo vol met absurditeiten, met wreedheden, met arbitrair optreden van de Here. Volkomen geschifte verhalen, van een verbijsterende agressie en vrouwonvriendelijkheid. Dat het beschouwd wordt als een van de hoekstenen van onze beschaving is alleen mogelijk omdat niemand het leest.

1.

Dit zijn woorden van Maarten van Rossum, in het programma De slimste mens (vanaf 13:17). Dit is een bewering van hem die enorm uitdaagt! Juist ook, omdat je misschien wel iets aanvoelt van wat hij zegt: de bijbel is een oud, moeilijk boek waar pittige dingen langs komen.

Ondertussen verrast het me dat een historicus, wat meneer Van Rossum is, dit beweert. Dan moet hij toch wel weten hoe de bijbel eeuwen lang een grote inspiratiebron is geweest in kunst en cultuur. Dat het zo’n invloedrijk boek zou zijn, ‘omdat niemand het leest’ is niet vol te houden. En hoe komt het dat de bijbel steeds maar weer bovenaan de beststeller-lijsten wereldwijd staat?

2.

Ondertussen beleef ik de bijbel totaal anders dan meneer Van Rossum hier neerzet. Ik ontken niet dat er best pittige vragen bij de bijbel te stellen zijn, daar loop ik niet voor weg. Tegelijk schept de bijbel wel de geestelijke ruimte waarin ik leef en me oriënteer om mijn weg te vinden in deze ingewikkelde wereld.

Het lijkt me ook wel duidelijk dat de God van de bijbel er voor Maarten anders uitziet dan voor mij. Door de bijbel krijgt God voor mij een gezicht! Als ik de verhalen volg en God zie handelen, proef ik vreugde, verwondering, vastberadenheid, taaiheid, verdriet, woede., enz…

3.

Zicht op het landschap van de bijbel geeft God een gezicht. Daarom daagt deze bewering me uit om ’s eerlijk naar de bijbel te kijken: wat is dat voor boek? Hoe komt de bijbel op ons af? Of we nou pro- of anti de bijbel zijn, er zijn volgens mij wel een aantal dingen die we met elkaar kunnen vaststellen over de bijbel.

Die uitdaging probeer ik met een aantal blogs op te pakken. Daarin verwerk ik het boekje van John Dickson: A Doubter’s Guide to the Bible. Inside History’s Bestseller for Believers and Skeptics.

Wat we ook geloven, het blijft erg waardevol om te begrijpen waarom dit boek duizenden jaren lang zoveel mensenlevens heeft gevormd… Omdat de bijbel zo groot is, kan het moeilijk zijn om de verhalen erin te begrijpen, of om te weten hoe je het moet lezen. Zomaar een bladzijde opslaan is alsof je middenin een aflevering van Downton Abbey stapt. Je bent de helft van de tijd dan alleen maar bezig met vragen als “wie is dat”, “waar hebben ze het over?”, “wat betekent dat?”, “waarom praten ze zo raar?”. Het helpt dan om de grotere samenhang te tekenen. (John Dickson, pg. 11-12 – mijn vertaling)